Taal

Goed kunnen communiceren is nodig als je contact wilt maken. Taal is onmisbaar om informatie uit te wisselen en om je gedachten over te brengen naar iemand anders. Als je de taal niet of onvoldoende beheerst, dan ben je beperkt in je mogelijkheid om met anderen te communiceren.

Onder taalproblemen verstaan we: Taalontwikkelingsstoornis (TOS), Autisme spectrum stoornis (ASS), Algehele ontwikkelingsachterstand, Afasie, Taalstoornissen bij dementie, Ondersteunende communicatie

Taalontwikkelingsstoornis (TOS)

Praat uw peuter nog niet of nauwelijks? Is uw kind stil in de klas, praat hij onverstaanbaar of struikelt hij voortdurend over zijn woorden? Begrijpt uw kind niet altijd wat u zegt? Dan bestaat de kans dat uw kind een taalontwikkelingsstoornis (TOS) heeft.

Een taalontwikkelingsstoornis is een ontwikkelingsstoornis die erfelijk kan zijn. De precieze oorzaak is nog onbekend. Kinderen met TOS hebben moeite met taal, verder lijkt er niets met ze aan de hand te zijn. Daarom is TOS een onzichtbare handicap: intelligentie, gehoor en algemene ontwikkeling van het kind zijn normaal. Wel heeft het kind problemen bij het spreken en/of begrijpen van taal, lezen en schrijven.

 Een taalontwikkelingsstoornis bij een kind kun je herkennen aan de volgende signalen:

  • Het kind spreekt in korte, onlogische zinnen
  • Het kind is slecht verstaanbaar
  • Het kind is stil en praat weinig
  • Het kind kan zich slecht concentreren
  • Het kind begrijpt anderen vaak niet
  • Het kind lijkt soms niet te luisteren

 Niet ieder kind met TOS heeft last van al deze problemen. Soms wisselen de symptomen per levensfase. Om de diagnose TOS te kunnen stellen worden de taalvaardigheid, het gehoor en de non-verbale intelligentie beoordeeld. De taalvaardigheid wordt in kaart gebracht met verschillende taaltests. Daarnaast worden de communicatievaardigheden van het kind beoordeeld.

Om inzicht te krijgen in de taalontwikkeling van uw kind kunt u de SNEL-test doen. Deze test bestaat uit 14 vragen en geeft u advies over eventuele vervolgstappen.

https://www.kindentaal.nl/snel

 

Behandeling

Een kind heeft van 0 tot 6 jaar een gevoelige periode voor het leren van taal. Omdat de spraak- en taalverwerving op jonge leeftijd plaatsvindt, is het belangrijk om problemen daarin zo vroeg mogelijk te signaleren. Hoe eerder een TOS wordt ontdekt, hoe groter de kans op verbetering van de klachten. De taalgevoelige periode kan dan optimaal worden benut. Kinderen met een (vermoeden van) TOS kunnen al voor hun tweede levensjaar bij de logopedist terecht.  

Als de diagnose TOS is gesteld, moet worden bepaald welke behandeling het beste bij het kind past. Er bestaan diverse therapievormen, samenwerking met de ouders is in alle gevallen uiterst belangrijk.

Bij een lichte of matige vorm van TOS vindt er een-op-een behandeling plaats in de praktijk, ouders zijn hier in het algemeen bij aanwezig. Bij kinderen die nog niet of nauwelijks spreken krijgen de voorwaarden om tot spreken te komen eerst de aandacht. Verder traint de logopedist het taalbegrip en wordt er gewerkt aan de woordenschat en de zinsbouw.

Bij een ernstige TOS is het kind soms beter af in een speciale behandelgroep voor peuters waar een team van professionals werkt aan verbetering van de ontwikkeling en taalstimulatie. Gaat het kind al naar een gewone school en heeft het een ernstige TOS, dan komt het in aanmerking voor begeleiding vanuit het speciaal basisonderwijs (SBO).

Een TOS kan bij een deel van de kinderen niet worden verholpen. Wel kan een logopedist een kind helpen beter met taal om te gaan, zodat het zich toch kan redden in het leven.

Autisme spectrum stoornis (ASS)

Eén van de minder bekende taken van de logopedist is ondersteuning bieden aan mensen met autisme.

Mensen met een stoornis in het autistisch spectrum hebben moeite met communiceren. Ze worden vaak verkeerd begrepen en vinden het lastig om contacten met anderen te leggen. Kinderen zijn vaak sociaal onhandig en vallen bijvoorbeeld iemand steeds in de rede. Dit leidt vaak tot onduidelijkheden en ergernissen.

Voor mensen met een autisme spectrum stoornis is inhoud en gebruik van taal ingewikkeld. Dat staat los van hun intelligentie en sociale omgeving.

 

Behandeling

De logopedist kan ondersteuning bieden in de communicatie en helpen in de interactie met iemand met autisme. Bij het helpen van mensen met een autisme spectrum stoornis zal de logopedist een-op-een begeleiding bieden, maar ook nauw moeten samenwerken met de ouders, school, gedragsdeskundigen en als het nodig is ook de arts.

Algehele ontwikkelingsachterstand

Kinderen met een ontwikkelingsachterstand ontwikkelen zich langzamer in vergelijking met hun leeftijdsgenoten. Ze gaan bijvoorbeeld later rollen, zitten, staan, lopen of praten dan andere kinderen van dezelfde leeftijd. Een ontwikkelingsstoornis kan op elke leeftijd duidelijk worden. Een ernstige ontwikkelingsachterstand valt vaak al op jonge leeftijd op, een milde ontwikkelingsachterstand kan ook pas op wat oudere leeftijd opvallen.

Een ontwikkelingsachterstand geeft verschillende problemen. Door verstoorde mondbewegingen gaat het eten en drinken moeilijk. Het kind kan bijvoorbeeld niet afbijten of kauwen, ook is drinken uit een beker vaak moeilijk.

Problemen met de spraak- en taalontwikkeling kunnen inhouden dat het kind de behoefte heeft om iets te vertellen, maar de woorden niet heeft. Soms begrijpt het kind niet wat er in zijn omgeving gebeurt en wat er gezegd wordt. Ouders herkennen dan bepaalde klankcombinaties wel, die het kind steeds herhaalt in bepaalde situaties. Soms kan het kind alleen met gelaatsuitdrukkingen iets aan de omgeving duidelijk maken. Als deze problemen niet tijdig onderkend worden, kunnen gedragsproblemen en/of emotionele problemen ontstaan. Het is dus belangrijk zo vroeg mogelijk deskundige hulp in te roepen.

 

Behandeling

De logopedist onderzoekt de mondbewegingen, de manier waarop het kind eet en drinkt, de spraak- en taalontwikkeling en de communicatiemogelijkheden, ofwel de manier waarop het kind contact maakt. Op basis van de resultaten begeleidt de logopedist zowel het kind als de ouders: oefenen van mondbewegingen en de spraak, of het stimuleren van de taalontwikkeling van het kind. Ook geeft de logopedist adviezen aan de ouders om het eten en drinken zo goed mogelijk te laten verlopen. Logopedische therapie zorgt dat eet- en drinkproblemen verminderen/verdwijnen en dat het kind zich kan uiten binnen zijn mogelijkheden. Ook kan er een alternatief communicatiemiddel worden aangeboden, want niet bij alle kinderen zal de spraak op gang komen.

Kinderen met de diagnose algehele ontwikkelingsachterstand gaan vaak naar het speciaal onderwijs, waar zij onder andere begeleiding van een logopedist kunnen krijgen.

Afasie

Afasie is een taalstoornis die ontstaat door een hersenletsel.  Dit wordt meestal veroorzaakt door een beroerte (CVA), maar kan ook ontstaan door een hersentumor, een ongeval of een andere aandoening in de hersenen. Afasie komt het meest voor bij volwassenen en ouderen, maar ook kinderen en jongeren kunnen hersenletsel oplopen met een afasie als gevolg.

Door afasie kunnen er problemen ontstaan met het taalbegrip, het spreken, het lezen en het schrijven. Deze problemen geven stoornissen in de communicatie. De ernst en omvang van de afasie zijn onder andere afhankelijk van de plaats en de ernst van het hersenletsel, het vroegere taalvermogen, iemands persoonlijkheid en zijn algehele gezondheid.  

Sommige mensen met afasie kunnen wel goed taal begrijpen, maar hebben moeite met het vinden van de juiste woorden of met de zinsbouw. Het komt regelmatig voor dat een afasiepatiënt een ander woord zegt dan hij bedoelt.

Ook kan het voorkomen dat afasiepatiënten juist wel veel spreken, maar wat zij zeggen is voor de gesprekspartner niet of moeilijk te begrijpen. Zij hebben vaak grote problemen met het begrijpen van taal.

 

Behandeling

Het herstel van de taal- en spraakproblemen vindt voornamelijk plaats in de eerste drie tot zes maanden na de beroerte. In deze periode is veel logopedische therapie belangrijk.

De logopedist zal eerst een onderzoek afnemen naar het begrijpen en uiten van de gesproken en geschreven taal. Dit gebeurt vaak al in het ziekenhuis. Ook gaat zij na hoe de communicatie met de omgeving (partner, familie) verloopt. De resultaten hiervan worden met de patiënt en de familie besproken en de logopedist geeft voorlichting en advies.

De behandeling is gericht op de individuele problematiek. Er worden oefeningen gedaan om het begrijpen en spreken te verbeteren. Ook wordt de patiënt en zijn directe omgeving geleerd hoe zij op een andere manier met elkaar kunnen communiceren. Het kan zijn dat een communicatiehulpmiddel zinvol is, dan zal de logopedist hierover adviseren en begeleiding bieden.

Soms is therapie (waaronder logopedie) in een revalidatiecentrum aan te bevelen boven logopedie in de praktijk.

Taalstoornissen bij dementie

Dementie wordt veroorzaakt door een stoornis in de hersenen. Kenmerken voor dementie zijn de geheugenstoornissen die steeds erger worden. Met het erger worden van de ziekte krijgt de persoon met dementie steeds meer moeite om duidelijk te maken wat hij bedoelt en om anderen te begrijpen. Primair progressieve afasie (PPA) vormt een aparte categorie. Bij deze vorm van dementie zijn taalproblemen de eerste signalen van de dementie.

 

Behandeling

De logopedist neemt een taal-, spraak- en/of communicatieonderzoek af. Daarnaast observeert de logopedist hoe de persoon met dementie communiceert met de omgeving.

Afhankelijk van de diagnose die de logopedist stelt, wordt er een logopedische behandeling gestart. De behandeling zal er op gericht zijn om de communicatie tussen de cliënt en de omgeving zo goed mogelijk te laten verlopen. Indien mogelijk traint de logopedist de cliënt om zich op een andere manier te uiten, bijvoorbeeld met een communicatiehulpmiddel.

Bij een ernstiger dementie biedt de logopedist adviezen en handvaten aan de gesprekspartner, zodat deze weet hoe om te gaan met de communicatieve mogelijkheden van de cliënt.

Ondersteunende communicatie

Ondersteunende communicatie (OC) is het inzetten van alle mogelijke communicatievormen en hulpmiddelen om communicatie toch mogelijk te maken voor mensen met ernstige stoornissen en beperkingen. Bij OC spelen de communicatiepartners een belangrijke rol: ook zij moeten de ondersteunende communicatievormen kunnen gebruiken.

Bij de keuze voor de best passende communicatie-ondersteuning ligt de focus op het achterhalen van de sterkst ontwikkelde of (nog) resterende vaardigheden.

 

Behandeling

Logopedisten kunnen kinderen en volwassenen met ernstige taal- en spraakstoornissen behandelen en begeleiden. Zij kunnen adviseren bij het kiezen voor passende ondersteunende communicatiemiddelen en trainen in het gebruik ervan. Daar zijn de communicatiepartners nauw bij berokken, want communiceren doe je niet in je eentje!

Afspraak maken?

Bel ons dan op 0182 – 769 236 of 06 – 20 69 18 19
Of stuur ons een email naar info@logopediepraktijkschoonhoven.nl